|
Men kan beter niet
geboren worden: want eens geboren, moet men dansen, meedansen, steeds
sneller... tot men niet meer kan.
En dan volgt applaus... of niet..
Maar het kan je niks meer schelen want het doek valt.
|
|


|
|
LEES MEER OVER 

|
|
|
|
|
Ik werd geboren in de
materniteit van het O.-L-Vrouw-Hospitaal, Budastraat
te Kortrijk - nu deel van de campus 'Groeninge' -
op een woensdag, 21 mei 1952, volgens mijn geboorteakte om 7u10 's morgens.
Ik ben dus van sterrenbeeld op 't randje gemini
(tweeling), met toch veel kenmerken van taurus (stier). Het was een
regenachtige dag... Wie de dagen/weken erna aan mijn wieg heeft gestaan,
weet ik niet, maar er moet alleszins één iemand bij zijn geweest, met boze
intenties - die moet een vloek hebben uitgesproken... en die heb ik mijn leven
lang meegezeuld !!...
|

|
|
Mijn
kindertijd in Deerlijk
Van
mijn eerste levensjaren herinner ik me alleen enkele fragmenten, zoals
dat ik mee inwoonde bij mijn grootouders, de grote hond Bobbie (een Mechelse herder) die me trouw gezelschap hield,de momenten dat ik samen met mijn ouders,
grootouders en kennissen(?) aan de overzijde van de Pontstraat de in
aanbouw zijnde woning (het latere ouderlijk huis) ging
bekijken…
|

Mijn éérste foto: 'Kuifje' in de kinderwagen.
|

Bij moeder op de arm met naast ons Bobbie
|

Bobbie, mijn trouwe bewaker
|
|
|

Een meisje? Toch niet - maar goedlachs...
|

...én ...met krullen,...
|

wel (meestal) lief voor zusje Linda.
|

In de aller-modernste
auto van toen maar...
|

...soms ook en op de 3-wieler.
|
|
|
Kleuteronderwijs
bij juffrouw Georgette en zuster Eufrasie
Ik
liep blijkbaar pas school vanaf de tweede kleuterklas, want over zuster Regina,
die de eerste ‘bewaarklas’ openhield, daarvan weet ik niets (meer) - ik was
een ‘moederskindje’, ik bleef liefst thuis 'dicht bij moeders rok' en
voelde me angstig en verlaten elders. Het was een buurmeisje (van 'mijn
einde van de Pontstraat'), Magda Van Ooteghem, die
me ’s morgens aan de hand meenam naar school. Ik weet nog dat ik ‘soepgeld’ meekreeg om tijdens de ‘speeltijd’ ’s morgens
een kom soep te kopen bij de (strenge!) ‘soep’zuster
("potje breken is potje betalen"). Mijn zusje, die harder (en
'stouter') was dan ik, belandde in de eerste klas bij zuster Godelieve, die beduidend strenger was dan zuster Regina
Juffrouw Georgette van de 2de
kleuterklas was een goeie en graag geziene juf, in tegenstelling tot
juffrouw Yvette (haar collega uit de andere tweede kleuterklas, die iets
minder populair was, en die mijn zus’je’ Linda
trof).
Hét jaar dat ik graag school liep was echter het jaar bij zuster Eufrasie. Ze had het blijkbaar voor mij, want
ik kreeg bevoorrechte klusjes, zoals het wekelijkse samen met haar
verschonen van de vogelvolière, het onderhoud van de zandbak-in-de-klas,
enz. Zij leerde haar kleuters ook de eerste beginselen van rekenen, lezen
en schrijven, zodat we niet onbeslagen overgingen naar het eerste leerjaar.
Een non aan wie ik zeer warme herinneringen bewaar - ik zie ze nog zo voor
mij…
|
|

|
|
|
|
|
|

Wat een belevenis!! Op een heuse
dromedaris...eh, pardon, kameel.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Mijn verdere
kinderjaren
Het lager
onderwijs
In het eerste ‘studiejaar’ kwam ik bij meester Georges Baert
terecht, want omdat ik blijkbaar bij de ‘slim’sten
was, leek dat voor moeder dé aangewezen meester om rap te leren – in
tegenstelling tot meester ‘Gezelle’ (in casu
Georges Degezelle), die als nogal zacht en week
stond aangeschreven en waarbij ‘de minder slimme’ leerlingen werden
ingedeeld. Dat was trouwens een bewuste politiek toen in de Gemeentelijke
Jongensschool. De ‘slimmere’ leerlingen werden in een klas bijeengezet, de
‘tragere’ in een andere klas. Concentratieklassen’-avant-la-lettre’
als het ware…
|

Meester
Walter Baert
1ste leerjaar
|

Meester Noël Secember
2de leerjaar
|

Meester
Ignace Vandenbreede
3de leerjaar
|

Meester
Pol Nys
4de leerjaar
|

Meester Van Hauwaert
|

Meester Robert Cappon
|
Handtekening
vervalst !
Het
eerste en gelukkig niet enige kattenkwaad uit mijn kinderjaren. Omdat ik van
in de kleuterklas blijk had gegeven niet van de domste te zijn, waren
ieders verwachtingen hooggespannen en de eerste punten uit het lager
bevestigden dat: meestal 9 of 10 op 10 op de wekelijkse rapporten… Maar die
ene keer was het tegengevallen: slechts een 7(!), met als gevolg een
uitbrander van de directeur toen hij op zaterdag de puntenboeken kwam
uitdelen. Natuurlijk ook dat ik met een ei in de broek huiswaarts trok.
Naar wekelijkse gewoonte moest het rapport ondertekend worden door één van
de ouders, hetgeen er bij mij op neer kwam dat moeder dat deed. Hoe dan
ook, dié keer bootste ik haar handtekening na en
dat bleef, verwonderlijk genoeg, onopgemerkt zowel voor mijn ouders als
voor meester Baert. Stomweg verklapte ikzelf, later dat schooljaar, wat ik
had uitgehaald – eigenlijk toch wel een beetje trots op wat ik had ‘gekund’
– ik heb het mij beklaagd, want stante pede moest ik met moeder mee terug
naar school, voor de meester én de directeur mijn snode daad nog eens
opbiechten en… wat ik toen als straf kreeg opgelegd, dubbel maken vanwege
moeder. En dit is het tarief dat ze ook zou hanteren tijdens mijn hele
verdere school’carrière’…
In het tweede leerjaar zat ik bij meester Noël Secember,
en hij was het die mij (en vele anderen van zijn leerlingen) pousseerde om
mee te doen in zijn zangkoor, ‘het Mezennestje’. Een aantal keren per week
bleef ik na het einde van de schooluren dus met andere leerlingen na om een
paar uur te oefenen in de zangkunst en liedjes in te studeren. Dat
resulteerde in openbare optredens tijdens kerkelijke plechtigheden (zoals
met Kerstmis bvb.), burgerlijke (begrafenissen),
en eigen optredens op schoolfeesten…
|
|
Lid van het ‘Knapenkoor’ "Het
Mezennestje"
|
|
Meester Secember had binnen de gemeenteschool een ‘knapenkoor’
gesticht. Hij lijfde dan ook ieder van zijn leerlingen, die een beetje kon
zingen, in. Wekelijks was er eenmaal ’s avonds voor de koorleden
zangoefening en repetitie. We hadden met het koor onze vaste optredens,
zoals de hoogmis op kerstdag, het optreden t.g.v. de jaarlijkse grote
proclamatie, optredens op eerste en plechtige communiemissen, op de
begrafenissen van de gemeentelijke notabelen. Daarnaast was er één keer per
jaar een optreden met een lichter repertoire in de parochiezaal, waarbij
zowat iedereen uit de gemeente kwam luisteren.
|

|
|
Met uiterst links schooldirecteur
Georges Dejaegher en rechts de koorleider meester
Noël Secember
|
|
In het
derde leerjaar kwam ik onder de hoede van meester Ignaçe
(Vandenbreede), een buur trouwens want hij woonde
ook in de Pontstraat amper vier huizen van bij ons weg. Hij was 'berucht',
want te pas en te onpas gooide hij met ‘zijn regel’(die van metaal was) en
deelde hij lijfstraffen uit…Als oplettende en vlijtige leerling had ik daar
echter geen last van – maar ik was wel bang van die man. Hij moedigde ons
ook aan om postzegels te verzamelen – zelf was hij ook een verwoede
filatelist -. Velen onder ons begonnen er dan ook mee – ik herinner me
Antoon Speleers, Marc Vandenbulcke,
Patrick Tjoen, en…ikzelf. We werden verzamelaars,
kwamen regelmatig bijeen om ‘dubbele’ uit te wisselen en plakten
nauwlettend onze nieuwe aanwinsten in…dikke schriften. Ik verzamelde
trouwens nog veel meer: munten, de etiketten van luciferdoosjes, allerhande
chromo’s (in die tijd nog te krijgen bij chocolade), prentjes van
wielrenners, voetballers, enz.
In het
vierde leerjaar zat ik bij meester Pol Nys,
waarvan ik me herinner dat mijn eerste twee schooldagen tegenvielen: ze
eindigden met straf – ik had ‘gebabbeld’ wanneer het niet mocht (en toen
mocht dat eigenlijk nooit tijdens de lessen...). Mijn gestrenge moeder
verdubbelde prompt de straf (zie hoger) – ik moest de ‘bewijzen’ meedoen en
tonen aan de meester.
|
|
De uitstapjes naar zee
en Tiegem en Dadizele…
|
|

|

|

|

|

|
|
Met
broers en zus een dag aan zee, te Heist, de geliefkoosde badplaats van
mijn ouders
|
|

in
het St.Arnolduspark te Tiegem
|

of
het Dadipark in Dadizele
|

Tijdens
het jaarlijks verlof van vader in augustus naar
de Rode, de Zwarte of Kemmelberg
|

In
het open stedelijk zwembad te Kortrijk
|
|
|
|
|
Vroege puberteit
|

Een schuchtere snorgroei
op mijn plechtige communie
|
|
|
|
Kennismaking
met Frank Ravelingien en verdere vriendschap met
hem…
Omdat ik beschouwd werd
als één der slimsten van de klas, vroeg meester Nys me om tijdens de ‘vrije kwartiertjes’ ’s morgens en
’s namiddags, in plaats van te gaan spelen, in de
klas te blijven en Frank R., een leerling die wegens zijn zwakke gezondheid
– hij was een groot deel van het schooljaar afwezig vanwege zijn astma –
erg achterop was in alle vakken, een beetje te helpen met zijn huiswerk en
hem ook als het kon ‘les te geven’.
Ik deed dit met de nodige trots en stilaan ontwikkelde zich een vriendschap
tussen Frank, die 4 à 5 jaar ouder was maar dus omwille van zijn ziekte al
een aantal keer niet was overgegaan naar een hogere klas.
Uit dankbaarheid omdat
iemand zich over hun ‘jongste’ ontfermde en hij zo toch, voor het eerst in
zijn leven een kameraad had, nodigden de ouders van Frank me uit om de
woensdagnamiddag bij hen thuis te komen spelen. En…dat werd een wekelijkse
gewoonte, en Frank kwam ook regelmatig bij mij thuis, maakte zo kennis met
mijn broers en we speelden geanimeerd samen, en dit zou blijven duren tot
ik 13-14 jaar was.
Later, toen ik begon uit te gaan op zaterdag en zondag, zou Frank, die al
een tijdje auto kon rijden, samen met mij en nog een paar anderen (Guido Verplancke en Franks neef Paul Verlinde) wekelijks per
auto met ons naar bals (toen T-Dansants genoemd)
trekken… Hij dronk nooit alcohol (behalve die ene enkele keer, en er waren
gevolgen aan…) en was dus een BOB-avant-la-lettre.
|
|

|
|
Vijfde leerjaar: meester Vanhauwaert, de verteller
Een jaar waaraan ik erg goede
herinneringen bewaar: meester Vanhauwaert, één
der oudere onderwijzers, maakte er een wekelijkse gewoonte van het laatste
lesuur ’s vrijdags te besteden aan ‘vertellen’. Iedere keer opnieuw wist
hij iedereen zo te fascineren met één of ander verhaal, dat men een muis
kon horen lopen. Dat uur was zó voorbij. Hij overleed amper een paar jaar
later, vrij jong nog, aan een hersenbloeding(?)...
|
|
Zesde
leerjaar: meester Cappon
Een
meester naar mijn hart, die mee bepalend zou zijn voor mijn verder leven.
Een fervent en overtuigd katholiek, met een grote liefde voor zijn
(overleden) moedertje, een overtuigd
Vlaming ook (met een grote bewondering voor de Vlaamse dichters, zoals
Guido Gezelle, Hugo Verriest, René De Clercq, Albrecht Rodenbach).
Hij was het die er mijn ouders (in casu mijn
moeder) van overtuigde dat ik humaniora moést
doen en geen technisch onderwijs om een vak (dé wens van mijn vader, van
zijn zoon ook een timmerman maken) te leren. Meester Robert Cappon zorgde er persoonlijk voor, dat ik ingeschreven
geraakte in het St.-Jozefinstituut, en niet, naar het voorbeeld van de zoon
van mijn moeders nicht, naar het Damiaancollege ging, zoals moeder in
gedachten had gehad.
Later zou ik goed bevriend geraken met de zoon van meester Cappon, Rik, een uiterst intelligente jongen, die een
3-tal jaren hoger zat. Met hem voerde ik, tijdens de dagelijkse
heen- en terugreis naar/van school, lange en soms erg diepzinnige, maar
alleszins vooruitstrevende gesprekken over de meest diverse
(levens)vraagstukken. Rik maakte me ook wegwijs in de muziek van de 60-ies:
Robert Gogoi, Adamo,
the Beatles, the Rolling Stones…
Vele jaren later zou meester Cappon, toen er
sprake van was dat hij Georges Dejaeghere zou
mogen opvolgen als schooldirecteur, er door een paar leerlingen – op
aanstichten van één of meerdere medeonderwijzers, die ook die functie
ambieerden – van beschuldigd worden, ontuchtige handelingen met hen te
hebben gesteld. Een gerechtelijk onderzoek volgde, hij werd een tijdlang
in hechtenis gehouden, en het is mij niet duidelijk of hij al dan niet
schuldig is bevonden. Hoe dan ook, weg was zijn kans op het directeurschap…
Toen hij slechts een korte tijd terug vrij thuis was, kreeg hij een
hartinfarct en overleed…. Triest einde voor een toch goed man...
|
|
Ter
gelegenheid van mijn overstap naar het middelbaar kreeg ik een
volwassenenfiets: het moest en zou de chique-ste
en duurste zijn die er op dat ogenblik in Deerlijk - een
gemeente-met-heuse-dorpsmentaliteit nog, met 1 (één!)
fietsenhandelaar-hersteller, 'Pijperke'(Depypere) - te krijgen was... Een geschenk van mijn
grootouders (niet het eerste en alleszins niet het laatste...)
|

|
|
|
klik voor
beelden van toen die in mijn herinnering voortleven...
|
|
Mijn jeugd - Schoollopen naar Kortrijk - Mijn
middelbaar onderwijs bij de Broeders van de Christelijke Scholen in het
St.-Jozefinstituut, Plein, Kortrijk
|

Mijn klas in 1968 - de 4de Moderne A
van Mr. Jonckheere
|
|
- 6de
Moderne: Etienne Van Coppenolle: Een lieve en zachte
maar wilskrachtige man. Eerste week: goed rapport (45/50). De tweede
week: rapport was erge teleurstelling (35/50): heel traag naar huis, na
uitbrander door de directeur. De lessen Nederlands kreeg ik van 'Petatje' (leraar uit Vichte).
- 5de
Moderne: Mr Van Marcke. Een gedreven leraar
en (fanatiek) gelovig
– zou na het schooljaar 1965-‘66 dan ook een religieuze worden;
althans, zo heeft hij het ons verteld in één van zijn lessen… recent
vernam ik echter dat hij toen voor een groot en welbekend bedrijf uit
het Kortrijkse is gaan werken en het voor
bekeken hield in het onderwijs.
- 4de
Moderne: Mr Joncheere, een oudere en
rustige, bezadigde man - de lessen godsdienst werden gegeven door
Broeder Pol, vermaard om zijn 'seksuele voorlichting' - alles
daaromtrent had te maken met "den...eh...dinge". We staken er
dus niks bij op..
Op
de foto hiernaast, de medeleerlingen, die ik me nog bij naam herinner,
v.l.n.r.:
1ste
rij: Ronny Dewinter, Hubert Delanghe (uit Desselgem),
Deprez, ?, Reynaert, Callens
(uit Vichte), Stragier
(zoon van de boekhouder van de school), Kareltje
Naessens (dorpsgenoot), IKKE, Dufraimont (uit Marke),
2de rij:
Josson, Van De Sompel
(uit Desselgem), Hubert Nuyttens
(dé voetballer van Kuurne), Patrick Debels (Kortrijkzaan), Ostyn (Harelbeke), Patrick Van De Casteele
(primus, uit Hulste), Erwin De Bosschere ('het meisje'), Victor, Depuydt, Derycke (Otegem), Joncheere (onze
titularis)
3de rij:
Luyckx, Van Lerberghe,
Dejonghe, Dumolein
(uit Marke), Deman?,
?, Marc Vandendriessche (uit Ingooigem), Daeveloose, Vanassche, Herman Bijttebier
(Vichte).
|
|
- 3de
Wetenschappelijke B: Mr Favere - het jaar, dat ik
voor het eerst met meer genoegen dan plichtsbesef plezier school liep.
Mijn interesse voor wetenschappen was gewekt. Ik was zeer goed in alle
vakken, behalve in ... turnen.
- 2de Wetenschappelijke B: Broeder Guido - Een
gedreven broeder – de biologieklas op zaterdagnamiddag (met
natuuruitstappen, o.a. naar de Kluisberg (paddenstoelen
verzamelen)...Tegen het einde van dat schooljaar konden we op 5-daagse
reis naar... Londen - met de ferry, toen nog een 6-uren-durende
overtocht. Ik rookte op de boot mijn eerste sigaret, meegesleurd daarin
door de haantjes-de voorste van onze groep (Jan Vanhee,
Johny Tytgat en...Rikke
Vanwallegem); met Rikke
en Jan trokken we in Londen, op onze 'vrije' momenten, 'op jacht' (naar
vrouwelijk schoon...wel te verstaan, en dat was in Londen overdadig
aanwezig, hoor) - niet zonder succes, want we maakten er (op erg
vluchtige manier) kennis met Diane (West - wat een stuk!) en Sue
(Thompson), twee vriendinnen uit Northolt,
beiden op uitstap in Londen.
Tijdens de daaropvolgende grote vakantie trok ik, samen met de Vandendriessches, terug naar Londen en...Northolt - ik zag er Sue (kort tevoren getrouwd)
terug - Diane volgde een 'mannequincursus' in Londen.
- 1ste Wetenschappelijke B: Broeder Joannes -
een erg goedlachs
man, waarmee gans de klas hevige discussies voerde over de
actualiteiten uit de jaren '60: de seksuele revolutie, de hippie- en Provobeweging,
de revolutie - we zaten midden de crisis rond Leuven Vlaams en de
studentenrevoltes, de hippies en provo's. Broeder Joannes ging géén
enkel onderwerp, hoe heikel ook, uit de weg, al moest hij soms
(resoluut en af en toe ook kwaad) een eind aan het eeuwige discussiëren
maken. Laatste schoolreis: naar Parijs - algemene (persoonlijke)
indruk: een vervuilde stad, minder aangenaam dan Londen...
Op de
foto rechts, v.l.n.r.:
Voorste rij: ? (kozijn van de toen erg populaire radio-DJ Anthony), Vankeirsbilck, Victor, Jan Vanhee,
Erik Claus, Eric Delrue, Jean-Marie Linster, ?, ?, Viaene, de
klastitularis broeder Joannes
Tweede rij: Raepsaet (later brigadecommandant
van de rijkswacht te Kruishoutem),
Johan Verschuere (bewonderaar van Hitler), Rikke Van Walleghem
(later sportjournalist en redacteur bij het Nieuwsblad-De Gentenaar en mede-oprichter van het museum der Ronde van
Vlaanderen in Oudenaarde), Delanghe, Paul Leenknegt, Johny Tytgat,
Karel Naessens, Lambrecht, Ronny Dewinter, Edwin De Bosschere,
IKKE en Vereecke (kon erg
wetenschappelijk-gewichtig doen).
|
|

Klasfoto 1ste Wetenschappelijke B 1969-1970 met ‘titularis’
Broeder Joannes; ik 2de van rechts op bovenste rij
|
Een
ontdekking: nieuwe talen...
Vanaf de 5de
Moderne leerden we (na al die jaren 'saaie' Franse les, die ik al van in
het 4de leerjaar volgde) Engels, boeiend en ... veel gemakkelijker.
|
Corresponderen in het Engels met...
twee Japanse en een Tsjechoslowaakse
|

Harumi Hama uit Saporo
|

Reiko Sekiguchi
|
|
|
|
De
schoolbibliotheek: het St.Jozefinstituut had een
erg goede en uitgebreide bibliotheek, waarvan de bibliothecaris een Deerlijknaar (ene Nys)
was... Ik werd een trouw bezoeker.
De
'Kring':
de cafetaria, waar we over de middag terecht konden voor enige frisdrank,
een versnapering en tafelvoetbal - opengehouden door broeder Damiaan,
'den Dam' - een koleriek
man, die ook de middagstudie surveilleerde, daarbij telkenmale indutte...
tot het alsmaar luidruchtiger geroezemoes van de leerlingen hem evenveel
keren brutaal wekte, waarna hij met heftig gebrul weer orde op zaken
stelde - een enkele maal moest hij hiervoor overgaan tot ontruiming van
de gehele studiezaal, waarna iedereen voor de resterende tijd samen op de
koer 'straf moest staan' onder de brandende zon.
Het taallabo: de school had een voor die tijd erg
vooruitstrevende methode voor taalonderricht: een heus taallabo met bandopnemers, koptelefoon e.d.
Filmforum: van in het hoger
middelbaar werd een aantal keren per jaar een actuele film vertoond,
waarna een heuse bespreking volgde: ik herinner me de toen
avant-gardistische film 'Blow Up'
De
'biologieclub' op zaterdag: o.l.v. een fasinerende
broeder Guido met de uitstapjes naar o.a. de Kluisberg (paddenstoelen
verzamelen).
Dansles
samen met... de meisjes! In het laatste jaar middelbaar mochten we,
na de lestijd vanzelfsprekend, één avond per week, op dansles! Die
lessen, onder streng toezicht van leraressen, gingen door in 'het Fort',
officieel het Lyceum O.L.Vrouw van Vlaanderen,
gelegen aan de tegenoverliggende zijde van het Plein. Het was een primeur
voor ons om 'de maagden' van dat meisjescollege zó dicht te kunnen
benaderen - in onze gedachten begingen we toen meer dan één 'zonde' en...
eerlijk toegegeven, er is méér dan één prille romance ontstaan tijdens
die danslessen...
|
|
Schoolreis
naar Parijs in 1970

In 1970 maakten alle leerlingen van de
hoogste klassen een 5-daagse schoolreis naar Parijs
|
Enkele leraars
van toen, om nooit te vergeten:
- Bothuyne: gevreesd en berucht om zijn
evaluatiesysteem met 'witte en rode streepjes' (Vijf witte werden
omgezet in een rode streep; een rode streep betekende een
zaterdagnamiddag verplichte 'straf'studie óp
school).
- 'Pietje' Bauwens: gaf geschiedenis - in zijn lessen werd traditioneel
de nodige keet geschopt; de man balanceerde voortdurend op de rand van de
wanhoop...
- Vandenberghe: recent vernomen (van meneer D.,
die ik als patiënt heb gehad) dat de arme man vrij jong is overleden... Strenge
en ‘droge’ man, die nooit lachte.
- Jantje Dufourmont: gaf wiskunde en
wetenschappen.
- Hubert Quatannens: onze tekenleraar - erg
creatieve man.
- Raf Versteele.
- Silvrants (turnleraar), Martin (zwemleraar).
In 1969 én
1970 opnieuw naar Londen, ditmaal tijdens de grote vakantie én in mijn
eentje. Vertrokken met 3000 BEF op zak; als het geld op was, was mijn
buitenlandse reis voorbij... Zo ging dat, zuinigheid was dus de
boodschap!!!
|
De
meisjes doen hun intrede in mijn leven
-
France
- Myriam Dufaux
De
dansles:
in ons laatste jaar middelbare mochten we dansles volgen, samen met de
meisjes van 'het Fort', het vlakbij gelegen meisjescollege, een
hele belevenis!!! Daar zijn heel wat prille verliefdheden ontstaan,
ondanks het strikte (zeg maar te strenge) toezicht van leraars en
leraressen, dat er vooral op gericht was zoiets direct in de kiem te
smoren...
mijn (eerste) autootje
Gekregen
van grootmoeder, een Opel Kadet, 12 jaar oud, kostprijs 12.000fr…Hij
zou amper 4 jaar later jammerlijk aan zijn einde komen, ‘perte totale’
gereden door zijn onervaren bestuurder.
|

|
'hulpbibliothecaris' vanaf mijn 14de, bij Julien Eeckhout en J-P. Vandekerckhove
Omdat ik,
vanaf mijn 8ste-9de jaar een trouwe wekelijkse
bezoeker was van de parochiale bibliotheek (daarheen voor ’t eerst
meegenomen door Robert Bekaert, een buurjongen) en vanaf mijn 12de
een echt fervente lezer werd – ik had op mijn 14de al alle
boeken van de kinder- en jeugdafdeling gelezen – ik las zo’n 4 à 5 boeken
per week en zou dat tot mijn 15-16 jaar ‘volhouden’… - en dat viel
uiteraard op bij de bibliothecarissen J.Eeckhout
en J-P. Vandekerckhove, vroegen ze mij op een
gegeven zondag of ik geen zin had hen te helpen bij het uitlenen en de
andere klussen in de bibliotheek. Van toen af ging ik mijn
zondagvoormiddag (10-12u) en woensdagavond (17u-19u) besteden aan
bibliotheekwerk
De ‘kaftavonden’
bij Eeckhout thuis – zo’n 2 à 3 maal per jaar
werden de nieuw-aangekochte boeken ‘gekaft’ en van een etiket met nummer
voorzien; binnenin kwam, op vaste blzen, een
afstempeling. Het waren gezellige avonden, waarop ook de echtgenotes van
Julien en Jean-Pierre meededen – er was de nodige drank en er waren
borrelhapjes
Ik bleef dit
werk doen tot aan mijn huwelijk – omdat ik nadien in Gent werkte en
woonde was het praktisch gezien moeilijk om telkens voor die paar uur de
verplaatsing Gent-Deerlijk en terug te maken. Ik probeerde het wel een
paar maand maar hield het toen toch voor bekeken…met spijt. Een
tijdperkje uit mijn leven was afgesloten.
jeugdclub ‘Doboje’
Ik had in
Kortrijk een medeleerling, Patrick Dumolein;
hij was lid van een jeugdclub, ‘Doboje’, die
zijn activiteiten had op een terrein van het 'Don Bosco'-college
(Pottelberg op de grens met Marke). Hij wist me
te begeesteren en vanaf mijn 15de ging
ik iedere zaterdagavond en soms zondagnamiddag ‘uit’ (per fiets
natuurlijk!) naar ‘den Doboje’ – DJ Hans, de
proost, uitstapje naar zee.
de jaren sixties + de ‘hippietijd’ (reisjes naar Londen)
In de 2des gingen
we naar London, een fantastische stad. Verkenning in vrije tijd met Rikke Vanwalleghem en Jan Vanhee, ‘jagen’ op vrouwelijk schoon en kennismaking
met Diane (West) en Sue (Thompson) uit Northolt.
In het groot
verlof deed ik die reis over, met de gebroeders Vandendriessche.
Het jaar
daarop, in 1970, trok ik, op mijn eentje, terug naar Londen. Ik bezocht Northolt – trof er Diane niet, Sue wel thuis: Diane
volgde een opleiding voor fotomodel (in Londen), Sue was kort tevoren
getrouwd – ik kreeg een stukje huwelijkscake mee (een typisch Engels
gebruik, naar verluidt)…
|

|
|