|
|
|||||||||||||
|
HET VOORSPEL
Van in 1933 tot aan zijn dood in 1945
bleef Hitler de absolute heerser in Duitsland. De openlijke
herbewapening van Duitsland, die door Hitler in maart 1935 werd
aangekondigd, was de eerste schakel in een keten van gebeurtenissen, die
rechtstreeks tot een nieuw wereldconflict hebben geleid. Hitler. Hitler
verwierp in de eerste plaats de verdragen van 1919 en wou iedereen in
Europa die hij als Duitser beschouwde (m.a.w. de Germaanse volkeren:
Oostenrijkers, Sudeten, Luxemburgers, Belgen uit de oostkantons,...) in
één staat verenigen. Op 7 maart 1936 slaagden de Duitse troepen er
opnieuw in de gedemilitariseerde zone van het Rijnland te bezetten.
Frankrijk reageerde niet; de Britse druk ten voordele van een
verzoening, de komende Franse verkiezingen die een toevlucht tot de
mobilisatie moeilijk maakten, de Franse overtuiging van een Duitse
supprematie en tenslotte het pacifisme dat onder de publieke opinie
leefde, leidde tot de beslissing om niks te ondernemen. De
hermilitarisering van het Rijnland betekende voor Frankrijk het verlies
van een bufferzone tegen het Reich. De geallieerden stonden alsmaar
sceptische tegenover de Franse geloofwaardigheid en België koos voor een
onafhankelijke politiek. |
|||||||||||||
|
DE MOBILISATIE Het Belgisch leger in 1937 Negen maanden na de herbezetting van de linkeroever van de Rijn door de Duitse strijdkrachten (1936) werd in ons land de minimum militaire dienstplicht op 12 maanden gebracht maar de helft van het jaarlijks contingent moest een diensttijd van 17 maanden volbrengen. Bij de mobilisatie in 1939 was de sterkte van het Belgische leger opgevoerd tot 22 divisies, onderverdeeld in 8 korpsen w.o. 1 cavaleriekorps. Het effectief van het veldleger bedroeg meer dan 600.000 manschappen. Maar... - de reserve-eenheden waren slecht geënkadreerd; - de middelen voor de luchtverdediging waren ontoereikend; - het materieel van het vliegwezen was verouderd.
De vestingstelsels Front naar het zuiden of naar het oosten?
Het mechanisme van de mobilisatie in
1939-'40 Waarschuwingen, alarmen en verloop van
de mobilisatie Het dagelijkse leven van de soldaat
tijdens de mobilisatie; tucht en moreel
Het gevolg van al die vrijstellingen was een geleidelijke desorganisatie
van het leger, doordat veel reserve-officieren werden vervangen en een
ernstige aantasting van tucht en moreel. Door de erg koude winter, de
als onrechtvaardig aangevoelde vrijstellingen en de nood van de
achtergebleven families, raakten vele soldaten verbitterd... |
|||||||||||||
|
"Deze maand Mei wekt de gansche natuur uit
den loomen winterslaap. Vogelen dartelen op twijg en tak in argeloos
spel. De jeugdige lente baart hoop en staat vol heerlijke beloften.
Plots werd al die opkomende levensvreugde in de kiem
gedood..."(oorlogsdagboek van een ooggetuige*). Aan de vooravond van 10 mei Tot besluit moet men vaststellen dat het Belgisch leger, ondanks het grootste effectief dat het ooit kende, talrijke zwakke punten vertoonde. Het te grote effectief had een onvoldoende enkadrering tot gevolg; de training van infanterie-eenheden liet soms te wensen over; het leger was niet voorbereid op een luchtoorlog. Bovendien hadden een te lange mobilisatieperiode en een gebrek aan reactie van de militaire overheden het moreel en de tucht van de troepen ondermijnd.
Vrijdag 10 mei Al op 10 mei 1940 - de eerste oorlogsdag - werd in de omgeving van Hundelgem een Duits bombardementsvliegtuig neergehaald door Engelse jachtvliegtuigen. Het stortte neer aan het kruispunt ’t Hoofd, op de grens tussen Munkzwalm en Hundelgem. Men heeft er de 5 verkoolde bemanningsleden uitgehaald en ze samen op het kerkhof van Munkzwalm begraven. Achteraf werden de stoffelijke resten naar een militair kerkhof overgebracht (waar is mij onbekend).
Zaterdag 11 mei (2) Tot bescherming tegen luchtaanvallen werd het telefoonnet gebruikt. De commando-zonehoofdpost was telefonisch aangesloten op ieder der zonehoofdposten, en deze op hun beurt op ondergeschikte alarmsectoren. Het luchtalarm ging uit van de zone-hoofdpost, en ook het einde ervan, rechtstreeks of indirekt verbonden met de alarmsirenes. Zo'n alarmsirene was uitgerust met en motor van 5 tot 7 PK met 2 turbines, waarvan de ene 400 trillingen per seconde produceerde (dus een scherp geluid) en de andere 150 trillingen per seconde (dus een zwaar geluid); er waren ook sirenes met maar één turbine en in de hulpposten werd de sirene meestal met de hand bediend...
Zondag 12 mei (Sinksenzondag)
Maandag 13 mei
Dinsdag 14 mei DRAMATISCHE DAGEN VOOR DE KRIJGSHOSPITALEN IN OOST-VLAANDEREN
Op dat ogenblik is prof. Fritz De Beule (1880 - 31.10.1949) er de
algemeen bestuurder van.
Woensdag
15 mei
Donderdag 16 mei
Vrijdag 17 mei
Zaterdag 18 mei
Zondag 19 mei
* tête de pont de Gand = Bruggehoofd Gent
Maandag 20 mei
Dinsdag 21 mei
Woensdag 22 mei
Donderdag 23 mei
Vrijdag 24 mei Zaterdag 25 mei
|
|||||||||||||
|
1941
5-6 augustus -
In de nacht
van 5 op 6 augustus 1941 waren Britse bommenwerpers van het 77ste
squadron op terugweg van een bombardement (oorspronkelijk bedoeld voor
Frankfurt maar om onbekende reden was het Koblenz geworden) - hun
thuisbasis was Topcliffe (Yorkshire, Engeland). Eén van die toestellen
werd geraakt door Duits afweergeschut en moest door zijn bemanning
verlaten worden - het vliegtuig kwam nadien, ongehavend, met een
perfecte buiklanding neer in Zegelsem. De bemanning bestond uit:
|
|||||||||||||
|
1942
Kapitein (later majoor)
Karl-JosephVOLLMER
* * * Eind 1942 werden enkele leden van 'de Witte Brigade' uit Munkzwalm (de weduwe Matthijs, Christine De Jaeger, haar dochter Hélène Matthys en Lydie De Clercq) opgepakt door Gestapo-mannen; bij de vrouwen Matthijs gebeurde dat bij hen thuis - Lydie De Clercq werd aangehouden nadat ze per trein vanuit Aalst (waar ze op het bankkantoor van de Generale werkte) in Munkzwalm aangekomen was, en op weg naar haar thuis (in de Krekelstraat, waar nu het gezin Dufraimont-Lazou woont).
|
|||||||||||||
1943
|
|||||||||||||
|
1944 Begin van dit jaar keren de weduwe Matthijs en dochter Christien terug uit gevangenschap; ze zijn 16 maanden weggeweest - eerst gevangen gehouden in Gent,nadien op transport gezet en opgesloten in Ravensbrück en Slieben.17.7. – De Coene aangehouden door de bezetter - Vanaf vandaag worden 42 personen aangehouden i.v.m. de ‘stunt’ van eergisteren in de Gentse Papegaaistraat. Onder de 42 gearresteerden bevindt zich ook de Munkzwalmnaar (maar in Gent wonende) kapitein-commandant De Coene – de bevelhebber van de sector Gent van het Geheim Leger zone III. Juist omdat hij bevelhebber was dachten de Duitsers, dat hij wel van alles moest weten. Hij werd daarom dermate gemarteld, dat hij 5 dagen na de arrestatie – hoe symbolisch, daags na de Belgische nationale feestdag! – overleed.Lees meer -
Luitenant Speekaert, mee aangehouden en zoals
veel andere gearresteerde GL-leden al dan niet in de zaak betrokken,
zou nooit terugkomen uit het concentratiekamp.. Ook de vader, de
moeder en één der zusters van ‘Martin’ stierven ook in de kampen. |
|||||||||||||
|
De bevrijding
|
|||||||||||||
|
6.10.1944 -
Vandaag verscheen in het Staatsblad de besluitwet over een
grootscheepse monetaire operatie. Het kabinet Pierlot, dat op 27.9 aan
een nieuwe ambtstermijn is begonnen, wilde prioritair het muntprobleem
aanpakken. door het gebrek aan evenwicht tussen de beschikbare
geldvoorraad en het mogelijk aanbod van goederen en diensten, bestond de
kans op een hyperinflatie. Om die te vermijden ging men over tot de zgn.
operatie Gutt -
Camille Gutt, de minister van Financiën, bepaalde dat alle biljetten
van de Nationale Bank hun betaalkracht
verloren. Terzelfdertijd werden alle depositorekeningen geblokkeerd. Per
persoon mocht nog slechts 2 000 Belgische frank worden omgezet in nieuwe
biljetten of in depositotegoeden. Al het geld dat niet omgewisseld kon
worden, werd voor 40% geboekt op een tijdelijk geblokkeerde rekening op
naam van de eigenaar. De resterende 60% werd definitief geblokkeerd en
omgezet in een verplichte saneringslening. De regering rekende erop met
deze ingrijpende operatie de prijzen met 50% te kunnen drukken. Tevens
hoopte men door deze operatie de oorlogswinsten te kunnen localiseren. |
|||||||||||||
| 1945 | |||||||||||||
|
14.1.1945 - Een piloot kwam om te Hundelgem, omdat zijn parachute het liet afweten. Hij vloog met een Spitfire XVI SM333 en behoorde tot de Australische luchtmacht RAAF. Waar men eerst sprak over ene Waiters, brachten opzoekingen via de Commissie van Oorlogsgraven en Scotland Yard aan het licht dat de ongelukkige eigenlijk John Wallis noemde en 23 jaar werd. Hij zou uiteindelijk begraven zijn te Oostende. Tijdens het escorteren van een groep bommenwerpers die Frankfurt gingen bombarderen, kwam boven Oostende het toestel van John Desmond Wallis in botsing met een andere Spitfire (XVI SM384) van hetzelfde squadron (451) bestuurd door P/O Newberry, deze laatste kon zich met zijn valscherm nog redden en kwam er met de schrik en in schoktoestand ervan af, hij werd in het hospitaal van Oostende opgenomen. Het toestel van Wallis verloor zijn staart, werd onbestuurbaar en stortte neer. 11.2.1945 - Een Engelse bommenwerper, type ?, op weg naar Duitsland voor een raid, motorproblemen boven Zwalm. Voor de eigen veiligheid dropte het toestel zijn lading bommen, die niet op scherp stonden, boven de akkers tussen Hundelgem en Dikkele. Het vliegtuig kon toch nog 50 mijl verder vliegen en kam neer in de buurt van Damme.
|
|||||||||||||
|
||||