|
DE
VOOROUDERS VAN FRANZ
Door opzoekingen
in o.a. het Rijksarchief van Ronse en dank zij het werk van A. Lafort
('De Staten van Goed van Munkzwalm' (SG) 1582-1794, Ronse 2001) kwam ik
tot de voorlopige stamboom van de familie DE COENE.
In het
voormelde boek staan volgende De Coene's:
In de
18de eeuw - Adriaen DECOENE fs Geert x Joanne DESMET fa Pieter,
met hun kinderen
* Pieter Francies, volwassen
* Benedictus, volwassen
* Isabelle x Dominicus DENYS
* Valentinus, 18 jaar (o 1743)
(SG 30-05-1761 5
bl, p.87)
- voor Marie Theresia VANVOLSEM, geboren te Dikkelvenne, + te
Munkzwam 08-1780, d.v. Gillis Vanvolsem x Joanne Wymens; Valentinus
DECOENE, houder, z.v. Adriaen DECOENE x Marie Joanne DESMET, geboren
te St-Maria-Latem. *
Joannes Baptiste, 19 jaar *
Pieter Josephus, 17 jaar *
Coleta, 13 jaar *
Anna Lucia, 7 jaar *
Dorothea voogd: Livinus VANVOLSEM,
broer van de overledene, te Gavere, materneel.
(SG 06-11-1790, AR
63 18 bl, p.140)
Zijn betovergrootouders
Valentinus DE COENE
(o
1743?), 'tisserant' ( wever) x Marie Therese VAN VOLSEM (+ Munkzwalm 20/8/1780).
Zij zijn de betovergrootouders van Franz.
Zij hebben 2? kinderen
1. Jean Baptist o 1773 - huwt een eerste keer met
VANDERHAEGHEN Livina.Krijgt met haar 1 kind.
- huwt als weduwnaar op 1/6/1818 met Coleta WALRAEVE o 1786, een
weduwe (met kind van Jean Baptist GEVAERT, + Eyne), d.v. Pieter Joseph x
Adriana LARNO.
krijgt met Coleta 1? kind:
1. Ludovicus ° ?/5/1819 - + 28/3/1820 (OA 5)
2. Josephus
o 1774.
Hij is de overgrootvader van Franz De Coene.
Zijn overgrootouders
Josephus DE
COENE (o
1774), een landman, 'journalier' (dagwerkman) x Isabella Theresia
Uytterhaegen (o 1770), 'fileuse' (weefster)
Zij hadden ? kinderen:
1. Joannes Baptiste + 16 pluviose jaar 7 (= 4.2.1799)
2. Fransisca
o 20 pluviose jaar 12 (= 10.2.1804)
3. Marcellin
o 14/2/1807 11u
Isabella overlijdt op 28/1/1812 (akte 4), 42 jaar oud. Joseph hertrouwt
al op 18/8/1812 met VAN LIERDE Barbara, onwettige dochter van Marie
Carolina VAN LIERDE, 'fileuse'.
Joseph krijgt met haar nog 4? kinderen:
3. Pierre François o 18/8/1813 akte 4 - + 2/11/1833
4. Lucie o 9/2/1817 9u akte 6
5. Marie Therese o 1/2/1819 (akte 4) - huwt op 9/9/1842 met de CORDIER Joannes Bpte
6. Melania o 1818 - + 1895 (akte 26) - huwt op 3/8/1844 met Jean Bpte
LEURS (+ ?) en wordt weduwe.
Zijn grootouders
|
In 1858 woonde aan de toenmalige Wafelhoek nr
23bis volgend gezin:
Vader Marcellin DE COENE
o
Munkzwalm 14/2/1807 - + Munkzwalm 1/1/1867 1u, een landbouwer - net als zijn vader zijn
echtgenote moeder Marie-Therese BUYLE o Munkzwalm 1830(!)
- een spinster, nadien landbouwster.
Ze waren gehuwd te Munkzwalm op
4/9/1850
Een zus van Marcellin, Marie-Hortense, zonder beroep,
woonde in. Ze
kregen 5 kinderen:
- Marie-Sidonie o 9/7/1851 4u (akte 16).
- + 13/3/1855
(akte 7).
GA - getuigen: Francies Van Wambeke, veldwachter; Francies Caelins,
broodbakker
OA - aangifte 14/3 10u door vader Marcellin en Francies Van Wambeke.
- Marie-Hortense o 2/9/1853
1u
(akte 12)
GA - getuigen: Francies Van Wambeke, veldwachter; Jacobus Lodens,
herbergier
OA - getuigen:
- Marie Eugenie o 3/3/1856
5u
(akte ?)
GA - getuigen: Francies Van Wambeke, veldwachter; August Penninck,
landbouwer
-
Evariste o 27/1/1858 6u; Evariste is de vader van onze
Franz.
GA - getuigen: August De Weireld, landbouwer; Constantin
Vandermensbrugge, landbouwer - Auguste
o 23/10/1860 - Theophile
o 14/2/1864 - + 16/7/1864, amper 5 md oud.
(Bronnen: RAR, microfilms 758286,
B 349, B 350) |

Zoals de ouderlijke hoeve in de voormalige Wafelstraat er
indertijd uit zag
(tekening: Herman Verbaere). |
Zijn ouders, broer
en zusters
Evariste DE COENE
huwt op ? met Maria Feliers
(o
Munkzwalm 1854 - + 1929) en krijgt met haar 4 kinderen:
1. Maria Gustava (o
Munkzwalm 18/4/1885
akte 9 - + 1970) - Zwalmnaars die het gezin nog hebben gekend,
herinneren zich dat 'Gusta' zo kromgebogen liep, dat ze met de
vingertoppen bijna de
grond raakte. Ze gebruikte een
krakkemikkige oude
fiets, zónder banden op de velgen, om op te steunen.
2. Firmin (o
Munkzwalm 1886 - + 1969)
3. Marie Hortense (o
Munkzwalm 6/11/1888 9u akte
19 - + 1966)
4. Pierre-Franz - dit is de militair waarover deze webpagina handelt.
Hij werd als jongste van het gezin geboren als (volgens de geboorteakte) Petrus Fransiscus, op 12/2/1896.
Als kinderen van landbouwers trokken de kinderen alle dagen
met de 10-15 koeien op en af naar de weide aan de andere kant van de
straat, palend aan de (toen nog niet ingebuisde) Wijlegembeek. Het gezin
stond aangeschreven als wat terughoudend en 'niet gemakkelijk in de omgang'. Ze
leefden zo eenvoudig mogelijk, als echte 'land'mensen - dit in weerwil
van het feit, dat ze zeker niet onbemiddeld waren... Getuige daarvan de
verre reizen, die o.a. Gusta later zou maken. |
Franz
DE COENE
Pierre Franz was soldaat in 'de groote oorlog' want in
1915 werd hij opgeroepen met de bijzondere lichting. Na tot 1918
verdienstelijk te hebben meegevochten wordt hij tijdens het
algemeen offensief van 1918 op 15 september in het Westvlaamse Merckem gewond. Op de dagorders
van het Belgisch leger staat hij vermeld met volgend citaat: « Jeune
officier brave et modeste qui au cours de la campagne s’est toujours
distingué par sa bravoure et son admirable sangfroid – a été blessé en
première ligne en qualité d’observateur d’infanterie » (Jonge en
bescheiden officier die zich gedurende de campagne steeds onderscheidde
door bravoure en bewonderenswaardige koelbloedigheid – werd gewond in de
eerste linie als infanteriewaarnemer).
Na zijn huwelijk met de jonge Jeanne Depière ging Franz
met haar wonen aan de Hofstraat 53 te Gent. Jeanne was de dochter van
Remi Depière (1883-1941), kolonelintendant en van Marie Nouille
(1893-1983). Hij werd de vader van drie kinderen: - Jean Firmin
Marie (o Gent 8/6/1932 - + Gent 14/10/1997), die later Eerste
Auditeur afdelingshoofd zou worden bij de Raad van State.
- Simonne Remi Augusta Marie (o Gent 7/12/1933), die huwde
met Faizi Skandar, die in België had gestudeerd en als kinderarts
terugging naar Kaboel, Afganistan;
Simonne ging met hem mee. Ze keerden
terug bij het uitbreken van de oorlog ginder met de Sowjet-Unie. Dr
Faizi overleed in 2004. Simonne woont nog steeds in
Gent.
- Francine Marie Thérèse Hortense Hector (o
Gent 18.3.1937), sociale assistente, gehuwd met Marc Segers. Ze wonen in
Gent.
Zijn militaire ambitie
leidde Franz De Coene van 1924 tot 1926 naar de Krijgschool. In december 1930
gepromoveerd als kapitein, wordt hij
op 26 september 1936 al bevorderd tot Kapitein Commandant. Het is in die
hoedanigheid dat hij in 1938 het bevel krijgt over de Schoolcompagnie
van het 2de Linieregiment. Hij was op en top militair,
bovendien gehuwd met
een kolonelsdochter; een mooie militaire carrière lag in het verschiet,
toen in 1940 de oorlog uitbrak.
Tijdens de oorlogsdagen in 1940 was hij
Adjunct Majoor, kapitein-commandant bij de staf van het 32ste Linieregiment, dat
zich verdienstelijk maakte bij de gevechten aan het kanaal van
Terneuzen. Hij wordt na de 18-daagse veldtocht al gevangen genomen en op 13
juni naar Duitsland overgebracht, waar hij achtereenvolgens in de kampen
Erner en Rothenburg wordt gevangen gezet als krijgsgevangene.
Medegevangenen van hem uit Rothenburg herinnerden zich hem als een
uitstekend kameraad, die het moreel van zijn medegevangenen steeds wist
op te krikken met zijn gevoelens van onaantastbare vaderlandsliefde. Franz De Coene werd er ziek en dat ondermijnde zijn gestel zo
fel dat men hem op 12 oktober 1941 naar huis
zond. Door sommigen werd dergelijke ‘snelle’ terugkeer met
begrijpelijke argwaan bezien maar de Belgische legeroverheid
bevestigde na de oorlog dat "Commandant De Coene op dit gebied boven
alle verdenking staat…", wat door het vervolg van zijn leven algauw
duidelijk werd.
 |
 |
 |
 |
| Majoor Hauss |
Albert Mélot alias
'Martin' |
Logo van 'A.S.KLOK' |
Luitenant Speeckaert
(de 'Spec') |
Want al halfweg 1942 meldt hij zich bij het Geheim Leger
(2). In november 1943 krijgt ‘Laurent’ (de codenaam van
Frans De Coene) het bevel over de sector Gent in handen in vervanging
van majoor Haus (‘Hamilcar’), die bevelhebber der beide Vlaanderen wordt.
Hij kreeg zijn vriend luitenant Speeckaert(3) ("Spec") tot Adjunct. "Wat
deze twee officieren tijdens de bezetting samen gepresteerd hebben,
staat hoger dan hetgeen lofwoorden kunnen bereiken, zonder te ontaarden
in grootspraak die tegen de nederigheid dezer stille helden zou
indruisen. Commandant De Coene was voor de sector Gent een 'Artevelde'
die door allen werd aanbeden om zijn schrander, wijs beleid. Elke
prestatie in dienst van de weerstand, hoe klein ook, kreeg in zijn
dankbaarheid zulke afmetingen, dat hij U wou doen geloven, de enige
verplichte te zijn". (De Klok - tijdschrift Geheim Leger).
Hij wist zich op te
werken tot een bekwaam en gezaghebbend officier van de weerstand.
Ondanks de aristocratische voornaamheid die hem kenschetste, bleef hij
met hart en ziel aan zijn dorp verknocht, wat hem tenslotte ook het
leven zou kosten. |
|
Maar
omdat hij door de G.F.P.
(‘Geheime Feld-Polizei’) met toenemende ijver werd opgespoord kreeg Commandant De Coene
het order zich tijdelijk ‘in het maquis' terug te trekken (d.i. onder te
duiken) en de
leiding van Sector Gent aan zijn adjunct Speeckaert toe te vertrouwen.
Het Geheim Leger lag hem echter te nauw aan het hart en hij kon maar
node afscheid nemen. Hij had op maandag 17 juli 1944 de bevrijding van
"Martin" (4)
vernomen (de aanslag in de Gentse
Papegaaistraat (6) en wilde dezelfde avond nog de goede afloop van dit
stoutmoedige huzarenstuk aan zijn echtgenote meedelen. Hij besloot nog
een laatste maal de nacht te Munkzwalm door te brengen bij zijn familie
(zijn broer en zusters en zijn echtgenote en kinderen, die allen te Munkzwalm
verbleven)
alvorens te vertrekken en onder te duiken.…Terwijl zijn
entourage voor hem de kust veilig waande werd hij op 18 juli in zijn ouderlijk huis in de Wafelstraat te
Munkzwalm (na verklikking?(5)) opgepakt door leden van de
G.F.P.
Franz werd opgepakt bij een bezoek aan zijn ouderlijk huis (in de
toenmalige Wafelstraat, na de oorlog herdoopt in 'Decoenestraat' - het huis, een hoeve die zich bevond op het
perceel aan het huidig gemeentehuis, waar de gemeentediensten recent steen- en
puinafval opstapelden, is in de loop der jaren gesloopt geraakt).
Dié nacht werd dat huis omsingeld door
meer dan 20 man. Toen één van zijn zusters ze opmerkte en ze de
huiskamer binnensnelde onder het roepen: "Het zijn de Duitsers!", reageerde
Franz kalm en gelaten: "Daar is dan niets aan te veranderen…".
De Coene werd
dus aangehouden door de bezetter tijdens een bezoek aan zijn ouderlijk
huis in de Wafelstraat; ondanks dat men (zijn entourage…dixit Van De Velde)
het hem afgeraden had zich in Munkzwalm te vertonen, want er hadden de
weken voordien al een paar raids op zoek naar 'witten' plaatsgehad.
Hij werd geboeid
afgevoerd naar de gevangenis in Gent. Na amper 4 dagen, tengevolge van erge martelingen tijdens de
herhaalde ondervragingen bezweek De Coene - we schrijven 22 juli 1944.
Het was rond 21 uur.
Romain Francet, ziekenverpleger bij de Luchtbescherming werd
op vrijdagavond in de Gentse gevangenis ontboden. In een cel op de tweede
verdieping van de Duitse afdeling aangekomen, kreeg hij de opdracht
Frans De Coene "...waar precies alle leven uit weg was..." naar het
Kriegslazarett over te brengen. Het was dag op dag één week na de eerder
vermelde 'aanslag'. Leerlooier Camiel Cooreman, die sinds mei 1940 werkzaam was
in het lijkenhuis van dat Kriegslazarett, werd er op zondagmorgen door
de Duitsers op
uitgestuurd om de familie Decoene te melden, dat hun verwante 'zelfmoord
had gepleegd'.
Franz werd begraven te
Gent. Na de
drukbijgewoonde lijkdienst werden door de G.F.P. meerdere personen aangehouden, verdacht
van lidmaatschap van het Geheim Leger.
|
 |
Aan
zijn woning te Gent, in de Hofstraat 135, werd na de
oorlog tijdens
een bloemenhulde op 23 oktober 1945 al, waarop tal
van militaire overheden aanwezig waren, een herinneringsplaquette
onthuld (afbeelding links hiernaast). De mensen uit de buurt
hadden hun huizen bevlagd, de politieharmonie speelde en
de plechtigheid, waarop commandant Janssens van het
Geheim Leger een gelegenheidstoespraak hield, was een
hele gebeurtenis in deze eenvoudige, stille wijk. Aanwezig waren o.m. Kolonel d'Orjo de Marchovelette (die
de minister van Defensie vertegenwoordigde), de
generaals Tancré en Vertommen, kolonel Devloo, de
h.Jouret, hoofdaalmoezenier De Mayer, enz. Een
delegatie, mét vaandel, vertegenwoordigde het Geheim
Leger. Ook veel oudstrijders mét eveneens hun vaandel waren
present.
De ontroerende plechtigheid werd afgerond met 'de
Brabançonne'. Talrijke bloemenkransen werden aan de
herinneringsplaquette neergelegd. Tot slot bedankte een
woordvoerder namens de familie De Coene iedere
aanwezige.
In
1972 werd het huis, samen met twee andere, gesloopt.
Door bemiddeling van het Geheim Leger kon de gedenkplaat
gered worden. Ze werd in mei 1973 door de diensten van
het Gentse stadsbestuur overgebracht naar de nieuwe wijk aan de
Groene Vallei, waar meerdere nieuw aangelegde straten de
namen dragen van weerstanders; de plaquette werd er
opgehangen aan een brugreling, enigszins tot ongenoegen
van zijn kinderen. In de buurt bevinden zich de
Luitenant-Generaal Hausstraat en ...de Commandant
Franz De Coenestraat - overigens vlak naast mekaar. |
|
|
Noten
1 Als jongeling werd Van De Velde
ongewild/onwetend gebruikt als ‘koerier’/smokkelaar ten dienste van het verzet; als leerling van een school te Gent
moest Van De Velde over en weer tussen Munkzwalm en Gent en kreeg
regelmatig een
‘pakje’ mee – náár Gent met voedingswaren (van de boer voor de
stedelingen) en naar Munkzwalm met briefjes voor de lokale 'witte
brigade'…
2 Al op het einde van 1940 hadden Belgische
officieren-in-actieve-dienst en reservisten, zoekend naar een middel om
een dreigende schandelijke nederlaag te voorkomen, militaire krachten
opnieuw bij mekaar weten te krijgen. Twee Belgische groeperingen – het
Belgisch Legioen en de mobiele Reserve – werden opgericht; die
versmolten algauw tot het B.L. (Leger van België) dat al in 1942 door de
Belgische regering-in-ballingschap (in Londen) officieel werd erkend.
Het B.L. zou pas in 1944 zijn naam veranderen in Geheim Leger (' ', Marc
Verschooris, p. ?).
3 Jozef
Speeckaert (Aalst 1.4.1907 -
Neuengamme 5.1.1945) -
Jozef Speeckaert was landmeter bij het Kadaster
en woonde aan de Britanniëlaan 66 in Gent.
Tijdens de mobilisatie- en oorlogsdagen was hij
Luitenant bij de staf van het 32ste
Linieregiment; na de capitulatie werd hij onder
de schuilnaam 'de Spec' bij het Geheim Leger één
der grondleggers van de gewapende weerstand.
Hij werd bij het A.S. de adjunct van zijn
boezemvriend Franz De Coene. In die hoedanigheid
werd hij belast met tal van bijzondere
opdrachten, zoals het inrichten van het
parachutage-terrein 'Le Faisan'(te Velzeke), het
vervaardigen van valse documenten, het verkennen
van de telefoonverbindingen, de verdediging der
Gentse haven(installaties) en uiteindelijk de
bevrijding van 'Martin'. Na de arrestatie van De
Coene nam hij de leiding van Sector Gent op
zich.
Het verraad door een landbouwer en het niet aan
hem doorspelen van onraad hebben zijn arrestatie
veroorzaakt. Enkele weken al vóór die
noodlottige 17de juli - dag van zijn arrestatie
- werd zijn huis in het oog gehouden door de
Gestapo. Daarom dat Jozef zich schuilhield in
het kasteel van Dikkelvenne. Daarom ook dat hij
niet lijfelijk aanwezig was bij de bevrijding
van 'Martin'; op zondag door een adjunct op de
hoogte gebracht van het goede verloop van de
actie, kwam hij op maandag al naar Gent om met
'Martin' te spreken. Omdat men had nagelaten hem te verwittigen,dat
de woning van de groepsoverste sinds de zondag
was bezet door de G.F.P. klopte hij argeloos aan
en viel zo in de handen van de bezetter. Na zijn aanhouding
bleef hij manmoedig zwijgen in alle talen; hij
werd veroordeeld tot negenmaal(!) de doodstraf.
Toen de Duitsers de geallieerden voelden
naderen, brachten ze hem over naar Duitsland.
Jozef Speeckaert overleeft het kamp van Neuengamme niet. Hij
sterft er op 5 januari 1945. « Cet exploit magnifique avait été préparé et réalisé
par un héros dont il faut répéter pieusement le nom : Joseph Speeckaert.
Quelques jours après, il était arrêté avec la plupart de ses amis. Il
mourrut dans les tortures, sans parler… » (Gandavus, Le Soir 1.4.1947).
Dit was de bedenking die na de aanslag in de Papegaaistraat,
die verzetsleider Martin bevrijdde, te lezen viel in de
krant Le Soir...(' ', Marc Verschooris, p. ?)
4 Martin: schuilnaam voor Albert MELOT
- Albert Mélot,geboren te Parijs op 1.6.1915, liep zes
jaar school in de École Abbatiale van Maredsous (1928-1934) en volgde van
1934 tot 1936 Letteren en Wijsbegeerte aan de Faculteit Notre Dame de la
Paix te Namen en vervolgens twee jaar Rechten aan de Leuvense
Universiteit (1936-1938). Gedurende de eerste zes maanden van 1939
verblijft hij in Londen. In datzelfde jaar slaagt hij voor de examens
van het derde jaar rechten voor de Jury Central. In oktober 1939 kan hij
de eed van advocaat afleggen. Hij woont samen met zijn achtbare familie
op het kasteel Lonzée-nabij-Gembloers. Hij wordt advocaat bij
de balie van Namen. Als overtuigd vaderlander, net als de
rest van de familie overigens, sluit hij zich van bij het begin der
oorlog aan bij de weerstanders in zijn gewest en fungeert er als
verbindingsagent. Bovendien werkt hij, o.l.v. baron Greinddle, mee aan
het repatriëren van neergeschoten RAF-piloten. Begin 1942 wordt Mélot, al lang naarstig gezocht,
gelokaliseerd door de Geheime Feldpolizei. Als die zich bij de
Boetstraffelijke Rechtbank meldt om Mélot op te pakken, weet deze
ternauwernood te ontkomen en duikt onder in Brussel, waarna hij over
Frankrijk naar Spanje reist – na een paar maanden gevangenschap daar
weet hij via Gibraltar eind 1942 Engeland te bereiken. Hij treedt daar
in dienst van de Valmschermtroepen van de SAF ("Special Air Forces"),
die hem na een opleiding droppen in april 1944 te Havelange. Hij
vervoegt het Geheim Leger (A.S.) der 3de zone (Oost- en
West-Vlaanderen)met zetel te Gent. Onder zijn codenaam ‘MARTIN’ bestuurt
hij van dan af alle werkzaamheden van het Geheim Leger in die beide
Vlaamse provincies. Na enkele weken al valt hij te Gavere echter in de
handen van de G.F.P. en wordt gevangen gezet in De Nieuwe Wandeling te
Gent. De Duitsers weten in hem een uiterst gevaarlijk iemand en
veroordelen hem prompt ter dood. Tot tweemaal toe wagen zijn
medestanders het de gevangenis binnen te dringen om te pogen Martin te
bevrijden. Vergeefs…Tot men Mélot weet te bevrijden op zaterdag 15 juli 1944 door
de
gedurfde aanslag in de Papegaaienstraat (6).
Op 3 september 1944 werd
'Martin' uit de gevangenis van Gent bevrijd en vernam hij de ware
toedracht van de gebeurtenissen, die zich te Namen,op de dag dat hij
door de aanslag in Gent werd bevrijd,hadden voltrokken. Zijn ouders en
zussen Madeleine, Claire en Suzanne werden toen opgepakt; Claire en
Suzanne werden gevangen gezet in Namen. Niettegenstaande de Duitse
generaal von Armenstein, 'suppléant' van von Falkenhausen, het order om
de gevangenen in vrijheid te stellen tekende,werd het niet uitgevoerd;
in de vroege ochtend van 1 september werd de hele familie Mélot op de
trein gezet, richting Luik-Leopoldsburg-Nederland-...
Albert Melot werd na de oorlog, naast tal van binnenlandse en
buitenlandse onderscheidingen voor zijn oorlogsverdiensten op voorspraak
van majoor-generaal Colin Mc Vean Cubbings "...recommended as Member of
the Order of the British Empire". Als kapitein-commandant beëindigde
Mélot zijn militaire carrière in het reservekader van het Belgisch
Leger. Op 16 oktober 1946 huwde hij te Thuin met Therèse Gendebien,
dochter van ex-senator Paul Gendebien.
In 1946 wordt hij benoemd als rechter bij de Rechtbank van Eerste Aanleg
te Namen. In 1958 poogt hij Degrelle uit Spanje te ontvoeren, maar dat
mislukt. In februari 1960 wordt Mélot samen met 20 andere magistraten
naar Kongo gestuurd "pour la surveillance des élections" n.a.v. de
onafhankelijkheid. Hij verblijft als rechter in Katanga en keert vrij
spoedig terug. Op voorspraak van de kabinetschef van premier Gaston
Eyskens wordt Mélot als adjoint militaire, teruggeroepen naar Kongo,
"pour soutenir le Katanga et continuer à aider Tsjombé...". Albert Mélot gaat op rust in 1972 als vice-voorzitter bij de Rechtbank
van Eerste Aanleg te Namen, op 57-jarige leeftijd, wegens
gezondheidsredenen (100% oorlogsinvalide). Hij werd op 23 september 1975
in de adelstand verheven en kreeg de titel van baron.
De naoorlogse jaren bleven voor Mélot echter zeer moeilijk: "je tombe
dans une dépression très forte...je ne voullus plus parler de la guerre
avec personne...ce n'est que fin 1973 que j'ai commencé à me préoccuper
du passé..." (' ', Marc Verschooris, p. ?).
5 Verraad: Volgens
FV, die toen in zijn buurt woonde, werd
de aanwezigheid van Franz De Coene aan de Duitsers verklikt door de buurjongen,
die bij de overhaaste vlucht van een paar verzetslui, enige dagen
voordien, brutaal aan de kant werd geduwd en daarbij een elleboogstoot
in het aangezicht kreeg toen één van ‘die witten’ over een gracht
sprong. In dat verband noemde mijn bron een naam maar uit reden van
privacy (familieleden en nog andere direct betrokkenen zijn nog in leven
...) wordt die hier niet aangehaald.
6
................
|